Beleidsplan

Beleidsplan 2016-2020

Het Buurtcollectief werkt volgens een door de organisatie vastgesteld beleidsplan. Als non-profit organisatie heeft zij dan ook de ANBI-status conform de eisen van de Belastingdienst.
De tekst van ons beleidsplan staat hieronder afgedrukt. U kunt het ook downloaden indien u dit wilt.

Download hier het beleidsplan van Het Buurtcollectief : Plan van aanpak 2016-2020

Plan van aanpak 2016-202001

Plan van aanpak 2016 - 2010

Inhoudsopgave

Inleiding
Vier speerpunten
1 Bouwen aan een duurzame organisatie
2 De organisatie rondom de leden
3 Ondersteuning vanuit een faciliterend geheel
4 Samenwerking met partners

Bijlage:
Eerste tijdvak 1930-2002
Tweede tijdvak 1970-2002
Derde tijdvak 2002-2009
Vierde tijdvak 2009-2016
Vijfde tijdvak 2016-2020

Plan van Aanpak 2016-2020

Inleiding

Voor u ligt het Plan van Aanpak van Het Buurtcollectief. Dit plan beslaat de periode van 2016 en 2020 en laat zien welke ambities Het Buurtcollectief heeft om te kunnen doorgroeien tot een grote Welzijnsorganisatie waarin de aangesloten buurthuizen zich goed kunnen ontwikkelen en er (meer dan nu nog) gebruik gemaakt kan worden van een op maat gesneden ondersteuningspakket.

Het Plan van Aanpak 2016-2020 is gebaseerd op een aantal speerpunten. Deze speerpunten omvatten:
De huidige organisatie Het Buurtcollectief (wat is zij nu en wat zou zij moeten zijn);
De organisatie rondom de leden (wat drijft en bindt ons en hoe gaan we samen verder);
Een goed dienstverlenend ondersteuningsapparaat waarbij bovendien de nodige kennis valt te halen;
Een visie hoe we vooral door samen te werken met anderen de gezamenlijke doelen halen.

De buurthuizen (lees: Het Buurtcollectief) zullen een belangrijke rol moeten vervullen in de samenleving. Zowel in sociaal als in fysiek opzicht. De buurthuizen zijn het hart van de buurt en ontwikkelen zich steeds meer tot plekke waar activiteiten, ontmoeting, hulpverlening, spreekuren, scholing, opvang en maatschappelijke ontwikkelingen zullen plaatsvinden.
Dit betekent dat we ons conformeren aan de maatschappelijke doelen die de Gemeente Den Helder zichzelf oplegt. Samen met de gemeente en de lokale partners zullen wij de buurthuizen helpen deze rol zo goed mogelijk te vervullen. Dit moet dan leiden tot vergroting van het aantal activiteiten enerzijds, en het verbeteren van de eigen organisatie anderzijds.
Analoog hieraan richt de ondersteuningsfunctie van bestuur, directeur en faciliterende organisatie van Het Buurtcollectief aan de buurthuizen zich primair op:

  • Het zichzelf in stand houden,
  • Het ontwikkelen van een evenwichtig activiteitenpakket,
  • Het helpen vergroten van de samenwerking met elkaar en aansluiting vinden bij andere buurthuizen
  • Het helpen vergroten van het netwerk en de samenwerking met andere partijen
  • Ondersteuning bij zorg van goede randvoorwaarden
  • Ondersteuning bij het zoeken naar financiële mogelijkheden
  • Het schrijven van plannen
  • Oplossen van problemen
  • Conflictbemiddeling

In de periode tussen 2016 en 2020 hebben we de volgende vier speerpunten

  1. Het maken van een sterke, duurzame koepelorganisatie/welzijnsorganisatie voor het totale buurthuiswerk
  2. Het bouwen van een praktisch en heterogeen geheel rondom de aangesloten leden
  3. Het opzetten van een goede faciliterende ondersteunende organisatie
  4. Samenwerking met partners

Al deze vier punten zullen de komende vier jaar terugkomen in de plannen die we samen maken. Dat betekent dat er ieder jaar voor de afzonderlijke punten acties worden ondernomen die moeten leiden tot het halen van de gestelde doelen.

Het Plan in 2016

Het gaat voor 2016 dus om het concreet maken van deze plannen. Hiervoor is overleg nodig met onze leden, ons bestuur en onze partners. In 2015 hebben wij met elkaar bepaald dat wij onze organisatie slagvaardiger en effectiever willen inrichten om onze doelen te bereiken. Dit heeft dus geleid tot de genoemde vier speerpunten en de stappen die we in 2016 gaan maken.

  1. Het bouwen aan een sterke, duurzame koepelorganisatie/welzijnsorganisatie voor het totale buurthuiswerk
  • onder de loep nemen van het huidige federatief model
  • onderzoek naar alternatieven
  • vormgeving van de organisatie rondom de aangesloten leden (zie punt
  • onderzoek naar bestuurlijke samenwerking met en dienstverlening ten behoeve van MFC Nieuw Den Helder en MFC Julianadorp
  • ontwikkeling van een sterke faciliterende en ondersteunende kantoororganisatie
  • communicatieplan. Website, infoblad, nieuwsbrief, sociale media.
  • financiële paragraaf

In 2016:
Voor 2016 betekent dit dat we aan de hand van het gedane onderzoek naar de haalbaarheid in november met een gericht stappenplan kunnen komen.

2. Het ontwikkelen van een heterogene organisatie rondom de aangesloten leden

  • Inhoud geven aan maandelijkse werkbesprekingen waarbij het delen van kennis, informatie en communicatie centraal staan.
  • Het benoemen, organiseren en uitvoeren van gezamenlijke activiteiten
  • Ontwikkelen van communicatie: nieuwsbrief, Infoblad, sociale media
  • Thema avonden rondom maatschappelijke onderwerpen.

In 2016
Naast de gebruikelijke ondersteuning die wij al geven, zijn voor 2016 samen met de buurthuizen de volgende concrete acties uitgezet:

In het eerste halfjaar:

  • er verschijnt drie maal een informatieblad
  • er komt een nieuwe website met koppeling naar sociale media en verwijzing naar partners
  • in het kader van het delen van kennis wordt er voor de vrijwillige kantoormedewerkers  een    serie bijeenkomsten in de buurthuizen georganiseerd.
  • er worden een thema-avonden georganiseerd met hapje en drankje.
  • er worden periodieke bijeenkomsten georganiseerd waarin buurthuis overstijgend actief kennis met elkaar wordt gedeeld. Op die manier ontstaat er een brede kennisbank over een groot aantal onderwerpen.
  • er wordt gewerkt aan een gemeenschappelijke kopieerbare activiteit.

In het tweede halfjaar

  • evaluatie van het eerste halfjaar en bijstellen plannen.
  • nieuwe trans van activiteiten
  • meepraten over plannen van zowel het collectief als van de organisatie rondom de leden
  • doorkijk 2017 en verder. 

3. Ontwikkeling van een goede faciliterende  ondersteuningsorganisatie

  • Onderzoek naar de organisatievorm
  • Onderbrengen formatie in dit deel van de organisatie, * hangt af van ontwikkelingen onder 1.
  • Functiebeschrijvingen maken * hangt af van ontwikkelingen onder 1.
  • Onderzoek mix betaalde krachten, stagiaires, werk ervaringsplekken
  • bepaling van de aansturing
  • werkzaamheden beheer ten behoeve van MFC’s hangt af van ontwikkelingen onder 1.
  • Bepalen vormen van ondersteuning en definitie dienstverlening samen met de partners en de leden
  • communicatie paragraaf
  • financiële paragraaf
  • verdere randvoorwaarden

In 2016
De acties voor 2016 hangen nauw samen met de ontwikkelingen die onder 1 en 2 zijn genoemd.
Aan het eind van 2016 is er een nieuwe definitie van de vormen van dienstverlening binnen de op dat moment legitieme mogelijkheden met een doorkijk naar andere jaren.

4. Samenwerking met partners

  • het verstevigen van banden met de huidige partners
  • het zoeken, vinden en binden van nieuwe partners
  • het boeken van praktische resultaten binnen de samenwerking
  • samenwerking op organisatieniveau en buurthuis niveau

In 2016:
Samenwerking met de Wering met als doel om op de huidige 9 plekken de ontmoetingsfunctie te bekijken en de mogelijkheden tot ontwikkelingen in kaart te brengen.
Samen met de Wering ontwikkelen van ontmoetingspunten * hangt mede af van de budgetovereenkomst Wering

  • Mantelzorgcentrum: activiteiten in onze buurthuizen
  • Wering: cursussen en bijeenkomsten in buurthuizen
  • Alzheimerstichting en Omring: onderzoek naar rol buurthuizen in het leven van kwetsbare burgers en een aantal spraakmakende projecten.
  • ’s Heeren Loo participatie mensen met een beperking in MFC de Boerderij
  • Stuurgroep Buurtgenoten: verdere ontwikkeling project in de Boerderij.
  • Nieuwe partners

2017-2020
Eind 2016 is er een concreet plan waarin we de vervolgstappen 2017-2020 gedetailleerd beschrijven.

Bijlage: de tijdvakken

De organisatie Het Buurtcollectief heeft gedurende een groot aantal jaren een grote hoeveelheid ontwikkelingen doorgemaakt. Deze ontwikkelingen zijn in diverse tijdvakken beschreven. Hiermee beogen wij een context te schetsen waarbinnen onze organisatie zich heeft ontwikkeld en wat dat aan resultaten heeft opgeleverd.

Eerste tijdvak: 1930-1970
Onze organisatie zag in 1930 het levenslicht in Den Helder. Als Speeltuinvereniging Den Helder, waren we actief in een aantal buurten dat groeide van 3 in 1930 tot het aantal wat wij nog hebben. De speeltuin was het sociale hart van de buurt. Spelen, activiteiten en ontmoeten voor kinderen en hun ouders, in een tijd waarin lidmaatschap van een club of vereniging heel normaal was en het vooral de dokter, de notaris en de middenstander waren die in het bestuur zaten. De speeltuin was het sociale hart van de wijk.

Tweede tijdvak: 1970-2002
In het begin van de zeventiger jaren van de vorige eeuw kwam geleidelijk aan de nadruk meer te liggen op de activiteiten in het speeltuingebouwtje. Dit overwegend kleine onderkomen die tot dan toe voornamelijk het domein was geweest van de beheerder, werd fors groter. De activiteiten die zich tot dan toe beperkten tot het draaien van films, het houden van een vergadering, het leggen van een kaartje en de knutselmiddag voor de kleintjes werd allengs belangrijker.

Zelfontplooiing
Mensen kregen meer vrije tijd, het aantal actieve vrijwilligers groeide snel, de vrouwenbeweging was sterk in opkomst en zelfontplooiing was kenmerkend voor het tijdsbeeld. De Speeltuinvereniging Den Helder transformeerde in de tweede helft van de jaren zeventig naar HVBWS, De Helderse Vereniging voor Buurt- Wijk en Speeltuinwerk. Nog steeds waren de speeltuinen belangrijk, maar de nadruk kwam meer te liggen op de activiteiten, waartoe naast de klaverjasavond en de knutselmiddag ook de cursus haar intrede deed. Mensen konden er iets leren en –niet onbelangrijk- men had ook iets te besteden waardoor de clubkas werd gespekt.

Wat in dit tweede tijdvak ook belangrijk werd, was de inzet van de vrijwilliger die in alle gevallen gerekruteerd werd uit het ledenbestand van de vereniging. De leden, die hiervoor overigens een bescheiden bedrag per jaar neertelden, waren voor een belangrijk deel actief, hielpen in het buurthuis en de speeltuin, deden boodschappen, maakten schoon, haalden oud papier op en brachten de krantjes rond. Er waren in die tijd niet heel veel regels, waardoor het verenigingsleven bloeide en vrijwel iedereen zich betrokken voelde of toonde. Het ging kennelijk zo goed, dat aan het eind van de jaren zeventig de overheid de door de gemeente betaalde speeltuinopzichters wegbezuinigde. De bevolking kon zelf wel de speeltuin onderhouden. Dat kon men immers met het buurthuis ook. De HVBWS maakte kennis met het fenomeen Melkertbaan, later omgezet in Id-baan. Maar liefst 10 personen konden binnen de organisatie aan de slag. Een als administratieve kracht, een in de activiteitenondersteuning en acht personen in vooral het beheer van speeltuinen en buurthuizen. De HVBWS was werkgever geworden.

Tijden van bloei
Het buurt- en clubhuiswerk zoals het sociaal cultureel werk destijds genoemd werd. Kende tijden van grote bloei. Niet alleen kreeg men volop de medewerking van de overheid: de HVBWS profiteerde van een grote groep vijftigers, die op vrij jonge leeftijd de Koninklijke marine verlieten en zich gingen inzetten voor de samenleving. De HVBWS werd een sterke omnivereniging met negen onderafdelingen. Het hoofdbestuur zorgde voor de ondersteuning van de speeltuinen en buurthuizen, en kon hierbij rekenen op de steun van betaalde sociaal cultureel werkers.
Aan het eind van de tachtiger jaren stootte de gemeente een deel van haar vastgoed af. Zodoende kon de HVBWS de tot dan toe nog gehuurde gebouwen voor niet al teveel geld verwerven. Dat waren buurthuis De Beuk en de Boerderij in de Schooten.

Derde tijdvak: 2002-2009
Geleidelijk aan werd het moeilijker. Er kwamen meer wetten en regels. Van de inspanningen om burgers voor de speeltuin te laten zorgen, kwam niet veel terecht. Er was minder geld, het aantal oude rotten die tot dan toe de organisatie had geleid, was letterlijk aan het uitsterven. Opvolging was er niet. Nieuwe gepensioneerde marine klanten begonnen liever een tweede carrière dan dat men zich om niet wilde inzetten voor de samenleving. Deze ontwikkelingen kwamen natuurlijk niet vanuit de lucht vallen. In het tweede tijdvak diende de problemen zich al aan. Het toenmalige hoofdbestuur anticipeerde daarop door veel jongere bestuursleden aan te nemen die met hun kennis van buiten de organisatie een bijdrage konden leveren. Tegelijkertijd beijverde men zich bij de gemeente tot het mogen aannemen van een beroepskracht die zou helpen om de organisatie een nieuwe tijd in de loodsen. Daarnaast was er nog een opvallend verschijnsel: het fenomeen lidmaatschap van leden van de buurtverenigingen werd minder vanzelfsprekend en daarmee ook de loyaliteit aan de vereniging die toch ook van hen zou moeten zijn.

Kentering
In 2002 kwam de omslag binnen de HVBWS. Er waren nauwelijks nog voldoende hoofdbestuursleden, maar men mocht wel een beroepskracht aannemen in de vorm van een directeur. Hij werd belast met de totale portefeuille van het lokale buurthuiswerk van de HVBWS.
Het was een boeiende en uitdagende tijd. De organisatie wilde graag veranderen, maar wist niet hoe. Er waren in die tijd veel werkgroepen en vergaderingen waarin veranderingsgerichte thema’s aan de orde van de dag waren.
In deze periode werd het moeilijker voor de buurthuizen om het hoofd boven water te houden. Er kwamen meer wetten en regels. Het werd moeilijker voor de speeltuinen. Veel regels en steeds minder geld. De HACCP deed haar intrede. Net als een steeds verstikkender wordende horecawet. De kindercrèches die wij hadden, werden het ook steeds moelijker gemaakt. Verder hadden we te maken met een zich steeds verder terugtrekkende overheid, het afscheid van de Id-banen.
De buurthuizen kregen te maken met minder (betrokken) leden. De samenleving maakte kennis met de calculerende burger die niet per definitie meer loyaal was aan een vereniging, maar zich meer gedroeg als consument met het credo “What’s in it for me? “
De steeds groter wordende invloed van de computer in het internet betekende een nieuwe uitdaging voor de HVBWS.

Nieuwe uitdagingen
De uitdaging zat hem in die tijd vooral in het professionaliseren van een aantal processen. Het werkgeverschap werd gesplitst waarbij de administratieve en arbeidsrechtelijke zaken werden ingekocht bij Triton. Verder is in die jaren veel tijd gaan zitten in het professionaliseren van het gebouwbeheer. Tot dan toe waren de gebouwen de zorg van een aantal actieve vrijwilligers. Maar ook hier was de kwaliteit van de dienstverlening een terechte zorg. Hoe lang zouden we het met de gebouwen uit kunnen houden en wat was hier dan voor nodig? Een aparte stichting met een geheel eigen taak was de gedroomde oplossing, maar had ontzettend veel juridische haken en ogen.
Analoog hieraan ontwikkelde de gemeente plannen om de stad te bedienen door de voorgenomen bouw van vier multifunctionele centra. Een in Nieuw Den Helder, een in de binnenstad, een in De Schooten en een in Julianadorp.

In 2007 is besloten om met elkaar te kijken wat ons bindt, en wat daar dan voor nodig was. Hiervoor hebben we een beroep kunnen doen op de branche-organisatie NUSO en op de betrokkenheid en de inzet van Eljo Vos en Nico Bais, twee voormalig stadsbestuurders die van oudsher al als adviseur aan onze organisatie waren verbonden.

We zijn met elkaar, hoofdbestuur en de 9 onderafdelingen een tweejarig traject ingegaan. Het eerste jaar moest de vraag beantwoorden wat we precies met elkaar wilden, en het tweede jaar werd de vraag beantwoord hoe we daar dan met elkaar zouden komen.

Slagen gemaakt met elkaar
Het was een boeiend proces, waarin de keuze is gemaakt om via een eenduidige statutair vastgelegde doelstelling via het open buurthuis, ons werk voor de buurt te doen.
Belangrijk verschil met de voorgaande tijd was wel dat we tot dusver een aanbod gericht programma hadden voor met name de leden, hoewel het buurthuis buiten deze groep een nog groter aantal belangstellenden ontving die geen lid waren of wilde worden.

De volgende keuzes zijn in die twee jaar gemaakt en ook doorgevoerd.

  • De HVBWS verdwijnt, en maakt plaats voor een federatief verband: Het Buurtcollectief
  • De gebouwen zijn ondergebracht in een stichting, geleid door een groep competente maatschappelijk betrokken stadgenoten.
  • De onderafdelingen verdwenen en werden zelfstandige verenigingen. Hiermee werd vooral de feitelijke situatie van dat moment geformaliseerd, namelijk: er waren wel regels en afspraken, maar niemand wilde zich er meer aan houden. Men vond het ook niet meer van deze tijd. Door van de onderafdelingen zelfstandige verenigingen te maken werd de beslissingsbevoegdheid verlegd.

In de jaren die volgden, is getracht vorm en inhoud te geven aan datgene dat we met elkaar hebben afgesproken. Ook dit bleek nog een hele uitdaging. Hoewel we het in papier erg eens waren met de keuzes, bleek niet iedereen meteen goed om te kunnen gaan met de nieuwe verantwoordelijkheden, het vervullen van het bestuurslidmaatschap van een federatie en het loslaten van de geestelijk eigendom van de gebouwen.

Vierde Tijdvak 2009-2016
In de jaren die volgden hebben we intensief getracht vorm te geven aan het open buurtcentrum. Aan de ene kant was het proces soms moeizaam, maar aan de andere kant zagen we veel nieuwe initiatieven ontstaan waarmee we de samenleving konden bedienen en uiting konden geven aan het open buurthuis. De WMO deed haar intrede. In eerste instantie met een aantal taakvelden en vanaf 2015 met weer een andere insteek.
Samen met de buurthuizen zijn een groot aantal maatschappelijke activiteiten ontwikkeld. Zo ontstonden er op een aantal plekken huiskamers, werd er gegeten met de buurt, werden er computerlessen gegeven, kwamen er activiteiten voor bijzondere doelgroepen waaronder GGZ.
De GGZ ging onze speeltuinen schoonhouden. Met RCO de hoofdzaak organiseerden we een aantal bijeenkomsten in de vorm van een maaltijd om het stigma van mensen met psychische ziektes tegen te gaan. Met het ROC organiseerden wij een groot aantal jaren kindermiddagen en multiculturele bijeenkomsten, dit alles door de centrumfunctie van de buurthuizen te vergroten.

Wij vonden het belangrijk dat we handelden vanuit een visie, die is afgeleid aan de doelstelling van onze gezamenlijke statuten.

Handelen vanuit een visie
Allereerst ontwikkelden we met elkaar een sociale visie, waarin onze kijk op de samenleving en de sociale samenhang is vastgelegd. Vervolgens hebben we deze vertaald in een Plan van Aanpak waarin praktisch is aangegeven wat we met elkaar willen bereiken.
Ronduit teleurstellend was het feit dat er nooit een cent uit de WMO-pot is uitgekeerd, terwijl wij in de verschillende fases waarin die WMO heeft verkeerd, wel taken hebben uitgevoerd. Niettemin hebben we aardige slagen gemaakt.

In de loop der jaren is er gerichte ondersteuning geboden aan alle betrokken besturen op gebied van:

  • Financiële problemen
  • Fondsenwerving
  • Beheer gebouwen en aanpassing
  • Contacten met derden
  • ontwikkeling activiteiten
  • communicatie
  • het schrijven van plannen
  • het zoeken naar bestuursleden
  • adviseren bij verschillende bestuursprocessen.

Een samenvatting bij praktische processen:

  • MFC Nieuw Den Helder is er gekomen (proces van jaren) inclusief semi professionele keuken
  •  MFC Julianadorp is een feit
  • MFC De Boerderij is uitgebreid met een aanbouw inclusief semi professionele keuken
  • Dit jaar is de nieuwbouw voor buurthuis De Overzet gereed gekomen inclusief semi professionele keuken
  •  ’t Kraaiennest heeft nu een semi professionele keuken
  • In diverse buurthuizen is een computerruimte ingericht.
  • De gebouwen hebben planmatig groot onderhoud.
    Vijfde tijdvak 2016-2020

Het komende tijdvak richt zich op een aantal, dat mede voortvloeien uit het veranderen van de samenleving.

  • De centrumfunctie van de buurthuizen zal moeten worden versterkt
  • De positie van de vrijwilligers zal moeten worden verstevigd
  • Samenwerking met partners, lokaal en in de buurt zal moeten worden geïntensiveerd
  • We zullen ons richten op het versterken van de eigen organisatie
  • Dienstverlening en ondersteuning aan buurthuizen zal moeten worden geherdefinieerd en uitgebreid
  • Samenwerking tussen buurtverenigingen zal worden gestimuleerd
  • Er zal worden gezocht naar een rol in maatschappelijke ontwikkelingen

Peter Wijnants
Het Buurtcollectief
december 2015

 

Statuten

Download hier de statuten van Het Buurtcollectief : 20090428 Het Buurtcollectief SDOC8941